Home

Bijna iedere maand verschijnt er wel een onderzoek over AOV’s. De uitkomsten zijn altijd hetzelfde. Ondernemers vinden ze te duur en te ingewikkeld. Altijd volgt er een roep om verandering. Maar heeft dat wel zin? Diezelfde onderzoeken laten namelijk ook zien dat ondernemers zich maar weinig in de materie verdiepen. Wordt het niet gewoon eens tijd voor goede voorlichting?

Laten we uitkomsten van deze onderzoeken eens op een rijtje zetten:

1.    Ondernemers vinden AOV’s te duur.
2.    Ze hebben er weinig vertrouwen in dat verzekeraars ook echt uitkeren.
3.    Ze vinden ze onduidelijk.
4.    AOV’s sluiten niet aan bij de behoeften van ondernemers.
5.    Ondernemers schatten de kans dat ze ziek worden te laag in.

Opmerkelijk is dat diezelfde onderzoeken laten zien dat ondernemers zich nauwelijks verdiepen in AOV’s. Je kunt je afvragen hoe betrouwbaar zo’n onderzoek dan nog is. In feite meet je niet meer dan het imago van de verzekeringsbranche. En die is niet erg gunstig. Maar dat wisten we al.
Misschien wordt het tijd voor goede voorlichting. Laten we de punten stuk voor stuk bekijken.

1. Zijn AOV’s te duur?
Het is maar net hoe je het bekijkt. Als je er vanuit gaat dat een verzekeraar niet uitkeert is een arbeidsongeschiktheidsverzekering al gauw te duur. En als je je kans om ziek te worden te laag inschat natuurlijk ook. Je kunt het ook omdraaien een AOV kost niet meer dan 2 tot 3 declarabele uren per maand. Heb je een goede verzekeraar die ook echt uitkeert als het misgaat, dan is dat natuurlijk helemaal niet duur. Daarnaast zijn er via allerlei collectiviteiten enorme kortingen mogelijk.

2. Keren verzekeraars nooit uit?
Het idee dat AOV’s zo duur zijn brengt verzekeraars ertoe uitgeklede polissen op de markt te brengen die een stuk goedkoper zijn. Dit is een lucratieve business, want de voorwaarden zijn vaak zo onzinnig dat de kans op uitkeren nihil is. In sommige polissen zou beter kunnen staan: ‘Wij keren pas uit wanneer u op sterven ligt.’
Een paar voorbeelden van wat er zoal in de voorwaarden kan staan:

  1. De verzekeraar keert uit bij totale en onomkeerbare uitval van beide nieren. Dat betekent dat je letterlijk doodziek moet zijn wil je iets krijgen. (Bij 90 procent uitval is al dialyse nodig.)
  2. De verzekeraar keert uit bij tumoren die een abnormale groei vertonen. Wie bepaalt wat abnormaal is?
  3. Wanneer de tumor voortkomt uit een moedervlek keert de verzekeraar niet uit.  Want die had je kunnen zien aankomen. Eigen schuld…
  4. De verzekeraar keert bij een hersenbloeding pas uit wanneer de patiënt niet meer in staat is zich zelfstandig te wassen.
  5. Een hartoperatie is pas reden voor arbeidsongeschiktheid wanneer de operatie plaatsvindt via de borstkas. (Dit gebeurt tegenwoordig niet meer. Alle hartoperaties vinden plaats via de buik of de lies.)
  6. Er is pas uitkering vanaf 80% arbeidsongeschiktheid.
  7. Een hartinfarct telt pas mee wanneer er een deel van de hartspier blijvend is afgestorven. Een hartspier sterft pas wanneer het minstens een half uur geen zuurstof heeft gehad. En dan ben je ook al zo ongeveer dood.
  8. Er geldt een wachttijd van 360 dagen.
  9. De verzekeraar keert uit op basis van gangbare arbeid. Dat betekent dat je als accountant misschien nog best komkommers kunt plukken.
  10. De uitkering duurt slechts een periode van 2 jaar. En wat doe je daarna?

We krijgen vaak genoeg radeloze ondernemers aan de lijn die zich schandelijk bedrogen voelen door hun verzekeraar. Ze komen bij ons voor een oplossing. Als we ze dan om de polis vragen, wordt al gauw duidelijk dat de verzekeraar zich precies aan de afspraak houdt. Ze hebben er zelf voor getekend.

3. Zijn AOV’s dan misschien onduidelijk?
Dan komen we bij punt 3: de voorwaarden zouden onduidelijk zijn. In het verleden was dit helaas nogal eens het geval. Daarom hebben veel verzekeraars hun voorwaarden herschreven in heldere jip-en-janneketaal. Toch blijft er kennelijk een vooroordeel bestaan over de onbegrijpelijkheid van verzekeringspolissen. Ondernemers beginnen er niet eens meer aan. De meesten tekenen gewoon bij het kruisje. Want een AOV is toch gewoon een AOV?

Zelf nemen we de polis uitgebreid met onze cliënten door. De ondernemer krijgt de voorwaarden altijd gearceerd mee. Terugkoppeling leert dat ze op die manier helemaal niet onduidelijk zijn.

4. Sluiten AOV’s niet aan op de behoeften van ondernemers?
Dit is absoluut niet onze bevinding. Er zijn talloze producten op de markt voor de meest uiteenlopende doelgroepen. De kwaliteit varieert van zeer slecht tot uitstekend. Helaas werken veel tussenpersonen maar met enkele partijen samen. Hierdoor ontstaat al gauw het beeld dat het aanbod beperkt is. Waar ondernemers behoefte aan hebben is goed advies van een onafhankelijk adviseur die toegang heeft tot een breed scala aan producten.

5. Schatten ondernemers de kans op ziekte te laag in?
Dit is helaas maar al te waar. Iedereen die ooit ziek werd dacht altijd: ‘Dat overkomt mij niet.’ Jammer genoeg krijgt 30 procent van de ondernemers ooit te maken met ziekte.
Het imago van AOV-verzekeraars is slecht. Helaas is dit niet altijd op feiten gebaseerd. Met goede voorlichting kan dit imago enorm verbeteren. En misschien helpt een krachtige adviseur, die flinke collectiviteitkortingen kan bedingen, ook nog wel. Want wie bespaart op de premie, in plaats van op de voorwaarden komt nooit bedrogen uit.

One thought on “Waarom veel ondernemers een hekel aan AOV’s hebben

  1. Pingback: De directe verzekeraar, een directe misleider? | Kendall Mason's Blog

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s